Europa kan zijn grootste minderheid niet beschermen

In MO* Magazine april 2012

Deze maand bekijkt de Europese Commissie strategieën van alle lidstaten om de penibele situatie van Europese Roma te verbeteren. Het werd tijd, want het gaat bar slecht met de grootste minderheid van Europa. MO* dook in de materie en reconstrueerde meer dan tien jaar falend Europees beleid. ‘We doen wat we kunnen’, zegt de Commissie. ‘Ze willen niet’, menen Roma-activisten.

Op 8 april is het internationale Romadag. Veel te vieren valt er niet voor de 12 miljoen Europese Roma. Een aanzienlijk deel van hen leeft in overstelpende armoede die niet onder doet voor die in de sloppenwijken van Brazilië of India.  Krotten van golfplaten, zonder stromend water of riolering. Kinderen met geklitte haren, blootsvoets in de modder. Miljoenen Roma leven op deze wijze, in Oost- maar ook in West-Europa. Aan de rand van dorpen en steden, weg van de rest, die meestal niets van doen wil hebben met dit ‘smerig, werkschuw tuig’.
Volgens NGO’s en Roma-activisten is het twee voor twaalf. Vanwege de economische crisis is de armoede desastreuzer dan ooit. Etnische spanningen groeien. Neem de aanvallen op Romakampen in Italië in 2008. Of de intimidatie van racistische paramilitairen in Hongarije. In september gingen duizenden Bulgaren de straat op, leuzen roepend als  ‘Maak zeep van de zigeuners.’  De Roma houden zich redelijk koest. Maar, zeggen mensen die met ze werken. Dat duurt niet lang meer.
‘De behandeling van de Roma is de lakmoesproef voor de democratie’. De inmiddels overleden Vaclav Havel spreekt deze profetische woorden in 1993, als de Oosteuropese landen een pijnlijke overgang maken naar een rauw kapitalisme.  De consequenties zijn desastreus voor Roma. Tijdens het communisme hadden ze een baan, gratis huisvesting en scholing. Nu raken ze massaal werkloos en verliezen hun huis in het privatiseringsgeraas. Racisme steekt straffeloos de kop op. Het is, in Havels’ woorden, het gedrag van landen die na een lange gevangenisstraf niet weten om te gaan met verantwoordelijkheden.
De kans op verbetering dient zich eind jaren negentig aan, als de Midden- en Oost-Europese landen mogen toetreden tot de EU. ‘Romaleiders waren dolblij’, herinnert ex-Europarlementariër Jan Marinus Wiersma zich. ‘De Unie zou ze beschermen en steunen.’
De naderende toetreding lijkt een goede stok om regeringen te manen echt wat te doen. Vooral naar Europarlementariërs werd geluisterd. Het parlement had immers een veto op uitbreiding. ‘Natuurlijk hadden we niet de illusie dat we die al eeuwen zeurende problemen in een paar jaar oplosten’, erkent Wiersma, die destijds rapporteur was voor Slowakije. ‘Maar we wilden wel echt commitment zien.’
De kandidaatlidstaten passen hun wetten aan die van de EU aan, en komen met documenten, plannen en toezeggingen. Het was absolute windowdressing, zeggen NGO’s en Roma-activisten nu. In Bulgarije vonden volgens officiële cijfers hordes Roma een nieuwe baan. ‘In praktijk stonden ze na een paar maanden weer op straat’, zegt de Bulgaarse wetenschapper Ilona Tomova in haar kantoor in Sofia. ‘Wij, postcommunistische landen hebben veel ervaring met het manipuleren van uitkomsten. Maar de Unie keek er niet doorheen. Wat documenten, 2 goede voorbeelden. Dat was genoeg.’
Naar eigen zeggen wisten Wiersma en zijn collega’s dat de toezeggingen deels enkel op papier stonden. Maar toch. ‘We dachten echt dat we voortgang boekten.’ Achteraf was dit wat naïef, erkent hij. ‘Nu zou ik misschien zeggen: had die landen niet zo snel toegelaten.’
Brussel had meer voet bij stuk moeten houden, meent ex-Europarlementariër Els de Groen, destijds lid van de Bulgarijedelegatie. Aan het begin van de onderhandelingen was Roma-integratie nog een harde toelatingsvoorwaarde. Gaandeweg werd deze ‘boterzacht’.
Het is de vraag of de Roma beter af waren geweest als toetreding was uitgesteld. Volgens Wiersma zou dat zich als een boemerang tegen de Roma hebben gekeerd. ‘Het was een informeel argument, maar het speelde een enorme rol in de afwegingen.’
Eenmaal binnen, blijken de nationale regeringen weinig begaan met de Roma. ‘De situatie voor toetreding was beter dan erna’, zegt Rob Kushen, directeur van het European Roma Rights Centre in Boedapest. ‘De politieke wil om fundamenteel wat te veranderen, ontbrak.’
Brussel is zijn stok om te slaan kwijt. Bovendien is de Europese Commissie gebonden aan het subsidiariteitsbeginsel, vastgelegd in het verdrag van Maastricht in 1992.  ‘Qua Roma spelen de lidstaten de belangrijkste rol’,  zegt Matthew Newman, de woordvoeder van Commissaris Viviane Reding (mensenrechten en justitie). ‘Zij zijn verantwoordelijk voor onderwijs, arbeid, huidsvesting en gezondheid. Onze rol is om te coördineren.’
Wel kan Brussel beleid afdwingen via de Europese fondsen. Zo is voor de periode 2007-2014 vanuit het Europese Sociale Fonds voor Tsjechie, Roemenie en Slowakije minimaal 172 miljoen per land gereserveerd, alleen voor Roma. Lidstaten met Roma kunnen tevens aanvragen doen voor bredere sociale programma’s. In die pot zit in totaal 17,5 miljard euro.
Slowakije krijgt na toetreding van Brussel 200 miljoen voor een nieuwe Romaprogramma dat uitgaat van een ‘allesomvattende benadering op kleine schaal’.  Klara Orgovanova werkte er vanaf 2001 met een team van dertig man aan.  De kwieke vijftiger van Roma-afkomst  was van 2001 tot en met 2006 de zogenaamde plenipotentiary (gevolmachtige) voor Roma van de Slowaakse regering. ‘Het bood heel veel kansen’, zegt ze achter een kop koffie in Bratislava.
Maar dan komt er  in juli 2006 een nieuwe regering aan de macht van de sociaaldemocratische SMER in een onwaarschijnlijke coalitie met de Slowaakse Nationale Partij, waarvan partijleider Ján Slota volgens het Duitse Der Spiegel meent dat je Roma het beste kunt temmen met een ‘lange zweep in een kleine achtertuin’.
Het gros van het geld ‘verdwijnt’. In nieuwe stoplichten, technologische apparatuur voor ziekenhuizen of voetbalclubs, waar geen enkele Roma speelt. Orgovanova wordt ontslagen, net als de rest van haar team. ‘We waren te kritisch.’ De nieuwe ‘gevolmachtigde’ doet volgens een van haar toenmalige medewerkers zo goed als niets. ‘Het kwam de toenmalige regering goed uit’, zegt hij. ‘Die wilden geen geld aan Roma spenderen. Daar wonnen ze geen zieltjes mee.’
Slowakije is niet het enige land waar EUgelden niet bij de Roma aankomen. Ook in andere nieuwe lidstaten wordt gesjoemeld. Soms strijken nep-ngo’s het geld op. Of bedelen corrupte regeringsambtenaren zichzelf exorbitant hoge salarissen toe. Dat zeggen Europarlementariërs als Els de Groen, Roma-activisten en journalisten van onder meer het gerenommeerde journalistieke onderzoekerscollectief BIRN (Balkan Investigative Reporting Network).
Niet altijd is de misbruik opzettelijk. De aanvragen voor subsidies zijn ingewikkeld en vereisen inzicht in de bureaucratie en het EUjargon. ‘Veel van die landen waren niet in staat om de EUgelden te managen,’ zegt Wiersma.
Het ‘Romageld’ dat tot nu toe ‘verdwenen’ is, zou in de miljarden lopen. ‘Pure speculatie’, zegt een persattaché van de commissie. ‘We hebben geen informatie over het misbruik van zulke grote bedragen.’
In Slowakije stopt de Europese Commissie in 2010 de geldstroom voor het Romaprogramma. Slowakije moest maatregelen nemen om de boel weer vlot te trekken of anders zou het land een ‘boete’ krijgen. Pas afgelopen januari liet de Commissie weten dat het geld dat nog niet is gebruikt wegens ‘goed gedrag’ naar het programma kan.  ‘We verloren tien jaar’, zegt Orgovanova. Ze is er kapot van.
Nomadennoodtoestand
Dan vindt in mei 2008 in het Italiaanse Ponticelli een jonge moeder een zestienjarig Romameisje in haar huis. Ze houdt de zesmaanden oude baby des huizes in de armen. Het is het startsein voor een reeks van gewelddadigheden op Italie’s Roma, zo’n 150.000 in totaal, die merendeels gesegregeerd in kampen aan de randen van grote steden wonen, vaak onder omstandigheden die volgens sommigen ‘erger dan in Oost-Europa’ zijn. In de weken na de ‘kidnapping’ vallen burgers Roma aan en steken hun woningen in brand. Omdat de politie er niet in slaagt de Roma te beschermen, roept de Italiaanse regering van Berlusconi de ‘nomadennoodtoestand’ uit. Tal van kampen worden ontruimd, zowel legale als illegale.
Als de regering vervolgens aankondigt vingerafdrukken van Roma – ook kinderen – te willen nemen om illegalen gemakkelijker uit te zetten, is de verontwaardiging groot. De rel loopt evenwel met een sisser af. Italië verkondigt vingerafdrukken te nemen bij de hele bevolking. En dat is legaal.
Paolo Ciani, woordvoerder van Sant’Egidio, een grote Italiaanse progressieve katholieke hulporganisatie die veel doet voor Roma is blij met de toenmalige acties. ‘De commissie en het Europarlement reageerden snel. Er werd goed gemonitord. Daardoor zijn ergere gevolgen voorkomen.’
Maar de grote Europese mensenrechtenorganisaties, gebundeld in de  European Roma Policy Coalition zijn niet tevreden. Al snel na de afkondiging van de noodtoestand vragen ze de Commissie om een zogenaamde inbreukprocedure te starten volgens schending van de ras en gelijkheidsrichtlijn. Met zo’n procedure kan de EU de lidstaten dwingen hun wetten op orde te maken. Die procedure is er geweest, zegt  commissiewoordvoerder Newman. ‘Italië heeft de eigen wetten op correcte wijze aangepast. Meer kunnen we niet doen.’
Maar Nele Meyer van Amnesty International is het daar absoluut mee oneens. Want wat betekent ‘correct’ als er in praktijk niets verandert? Pas eind 2011 verklaarde de hoogste rechtbank van Italië de noodtoestand onwettig en werd deze opgeheven. Meer dan drie jaar lang konden Roma niet terug naar hun eigen huis,  kinderen niet naar hun eigen school. ‘De Commissie had Italië veel meer moeten pushen om de discriminatie aan te pakken.’
Geen ‘fundamental rights supercop’
In 2010 veroorzaakt Frankrijk een wervelstorm door grote groepen Roma op het vliegtuig naar Roemenie en Bulgarije te zetten. Eurocommissionaris Reding (mensenrechten en justitie) vergelijkt de Franse uitzetting met nazipraktijken. De commissie start een inbreukprocedure, zeer tegen het zere been van Frankrijk.
Mensenrechtenorganisaties vinden het verre van voldoende. De commissie rekent Frankrijk af op het schenden van de ‘Vrije bewegingsrichtlijn’ en niet van de ras- en gelijkheidsrichtlijn. ‘We keken naar het uitzetten van groepen in plaats van individuen. Dat is in feite al een schending van fundamentele rechten in de EU’, verklaart  Newman deze keuze.  Qua discriminatie heeft Frankrijk de EUwetten goed geïmplementeerd. Het is nu aan de Franse gerechtshoven om te zorgen dat Frankrijk zich daaraan houdt. ‘De commissie kan geen fundamental rights supercop zijn.’
Meyer schudt het hoofd. ‘De commissie doet om de haverklap inbreukprocedures op economisch terrein. Dus het kan wel. Blijkbaar is discriminatie en anti-gypsiism een veel heter politiek hangijzer dan dat wij kunnen bevroeden.’
Europees probleem?
Ook als het gaat om de bestrijding van de armoede ligt de crux van het probleem bij de lidstaten, verduidelijkt Newman nog maar eens. Het ultieme bewijs hiervoor is, zo meent hij, de ‘lage absorptiegraad’ van de EUsubsidies bedoelt voor Roma. ‘Er zijn miljarden euro’s voor handen, maar slechts een deel wordt aangevraagd. Roma zijn geen politieke prioriteit.’
Maar landen als Slowakije, Roemenie en Bulgarije zijn arm. Die moeten het echt hebben van de bedragen uit Brussel. En wat daar voor Roma gereserveerd wordt is peanuts, meent onder meer Valeriu Nicolae, zelf Rom en directeur van het Policy Center for Roma and Minorities. ‘Roemenie kreeg voor de periode 2007-2013 zo’n 230 miljoen euro. We hebben een miljoen Roma. Dat is nog geen 20 cent per Rom per dag.’ En zelfs al zou Roemenie het geld krijgen dat in Brussel op de plank ligt, dan nog is het te weinig.  ‘Ik weet zeker dat het bedrag dat de Unie spendeert aan schapen en koeien via de agrarische fondsen 100 keer hoger is.’
Scepsis over de wilskracht van de Brusselse top is er ook in het Europarlement. Want als dat weerbarstige gedrag van de lidstaten zo’n barrière is, waarom installeert de commissie dan geen Eurocommissaris voor minderheden? Zodat Brussel wel beleidsmaatregelen kan afdwingen middels een echte Europese strategie? Vooral de sociaaldemocratische fractie hamerde daar ettelijke keren op. Zonder resultaat. Wiersma voert het antwoord terug op een ‘stammenstrijd’ binnen de Commissie. ‘Lidstaten zijn bang dat zo’n commissaris zich ook gaat bemoeien met de Hongaren in Roemenie of de Basken in Spanje.’ De Hongaarse Europarlementariër Kinga Goencz stipt een andere ‘begrijpelijke’ angst aan. ‘Landen zouden dan kunnen denken: “ha fijn, dan doet Brussel het.” Ik kan me voorstellen dat de Commissie niet volledig verantwoordelijk hiervoor wil zijn.’
Een Europees kader
Tijdens het Hongaarse voorzitterschap van Viktor Orban, wordt in april 2011, op het hoogste niveau, de Europese raad, besloten tot een ‘EU Framework for National Roma Integration Strategies’. Deze maand bekijkt de Commissie wat de 27 lidstaten daarvan gemaakt hebben. Livia Jaroka – het enige Europarlementariër van Roma-afkomst en lid van Orbans partij Fidesz – ziet het kader als de kans op verbetering. ‘We veranderden het paradigma compleet. Zomaar de Roma helpen, doen politici niet. We wijzen ze nu op de sociaaleconomische baten.’ Ofwel: Geef Roma werk en ze leveren wat op in plaats van dat ze wat kosten. Het is, denkt Jaroka, een argument dat regeringen wel aanspreekt.
Toch is er veel scepsis. Wederom legt de Commissie de oplossing bij de lidstaten, menen zowat alle Roma-activisten en een deel van het Europarlement. Zie het ‘Nationale’ in het Kader. Het Kader is gebaseerd op de pijlers arbeid, huisvesting, educatie en gezondheid, thema’s waarop de Commissie helemaal geen bevoegdheden heeft. En juist anti-discriminatie, waar de Commissie wel bevoegdheid heeft, is een ondergeschoven kindje. Opmerkelijk is tevens dat de Eurocommissaris voor Mensenrechten, Viviane Reding, eindverantwoordelijk is.
Redings woordvoerder Newman legt deze cryptische constructie uit door te wijzen naar de aanwezigheid van discriminatie in de nationale wetten. ‘Als iemand geen werk krijgt vanwege zijn etnische afkomst, dan wordt dat eerst op nationaal niveau uitgezocht. Schort het aan nationale wetgeving dan vult bestaande EU-wetgeving de tekorten aan.’ Is dat voldoende stok om mee te slaan?  ‘Dit is besloten op het hoogste politieke niveau. Alle landen stemden hiermee in.’
Hoe dit in praktijk kan uitpakken toont het huidige Hongarije. Want terwijl Viktor Orban op Europees niveau het beste jongetje van de klas is, scoort de Hongaarse premier in eigen land ondermaats. ‘Bijna alle nieuwe maatregelen druisen in tegen Roma-integratie’, zegt Rob Kushen van het ERRC. ‘Zo verlaagde de regering onlangs de leerplichtleeftijd. Waardoor Romakinderen sneller van school af kunnen, zonder enige restrictie. En zo kan ik er meer noemen.’
Het geeft aan hoe extreem moeilijk het is om in het huidige klimaat iets voor Roma gedaan te krijgen. Orban heeft immers, net als in menig ander EU-land, te maken met een rechtsextremistische oppositie in het parlement: Jobbik, een partij die openlijk anti-Roma is en flink populair onder de bevolking.
Dat neemt niet weg dat je op die sentimenten mee moet liften. ‘Democratie is niet enkel wat de meerderheid wil, het gaat ook om het beschermen van de rechten van minderheden. Maar dat lijkt Orban niet te begrijpen.’ Het is precies waar Havel in 1993 voor waarschuwde.
Kader
Een greep uit incidenten in 2010 en 2011
Februari 201. De Roemeense minister van Buitenlandse Zaken zegt dat Roma ‘genetisch geneigd zijn tot crimineel gedrag’.
Mei 2010. In het Hongaarse dorp Hatvan krijgen Roma een molotovcocktail door de ruit van hun huis geworpen.
Juni 2010. In Slowakije schiet een Slowaakse man na een ruzie op een groep Roma. Twee mannen en een 13jarig meisje belanden in het ziekenhuis.
Juli 2010. Denemarken zet 23 Roma uit naar Roemenie. Een Deens gerechtshof verklaart de uitzetting illegaal.
Zomer 2010. Frankrijk zet grote groepen Roma op het vliegtuig naar Roemenie en Bulgarije.
September 2010. In de Bulgaarse stad Jambol worden tientallen Roma uit hun flat gezet. Ze krijgen geen vervangende woonruimte.
April 2011. In het Hongaarse dorp Gyöngyöspata slaan paramilitairen een trainingskamp op. Het Rode Kruis evacueert Romagezinnen. Het komt tot vechtpartijen met gewonden.
Maart-mei 2011. In Rome vinden 154 uitzettingen plaats die circa 1800 Roma treffen.
Juni-augustus 2011. Zeker 500 Roma worden verdreven uit kampen in het Franse Marseille.
Augustus. In verschillende Tsjechische steden vinden demonstraties tegen Roma plaats.
September 2011. Nadat een Romajongen een Bulgaarse tiener doodrijdt, demonstreren in Bulgarije tienduizenden tegen de zigeuners, leuzen roepend als ‘Maak zeep van ze.’
September 2011. Honderden Tsjechische ultranationalisten houden anti-Roma demonstraties in Nový Bor, Rumburk en Vansdorf.
Oktober 2011. Roma in het Tsjechische Ústí nad Labem vallen twee etnische Tsjechen aan, nadat ze zelf aangevallen zouden zijn.
Januari-maart 2012. Tijdens de verkiezingscampagnes belooft de Slowaakse Nationale Partij de kiezers korte metten te maken met de steun die Roma clandestien zouden trekken.
Januari 2012. In het Tsjechische Vrandorf vinden anti-Roma demonstraties plaats. In dezelfde maand erkennen 3 rechtsextremistische jongeren de moord op een Romavrouw. Ze worden gearresteerd en voor het gerecht gebracht.
Dit is slechts een greep uit tal van geregistreerde incidenten. Het kan zijn dat er meer incidneten zijn, maar niet geregistreerd.  Het is niet altijd helder of het om zuiver racistische acties gaat.
Bron: ERRC

Op 8 april is het internationale Romadag. Veel te vieren valt er niet voor de 12 miljoen Europese Roma. Een aanzienlijk deel van hen leeft in overstelpende armoede die niet onder doet voor die in de sloppenwijken van Brazilië of India.  Krotten van golfplaten, zonder stromend water of riolering. Kinderen met geklitte haren, blootsvoets in de modder. Miljoenen Roma leven op deze wijze, in Oost- maar ook in West-Europa. Aan de rand van dorpen en steden, weg van de rest, die meestal niets van doen wil hebben met dit ‘smerig, werkschuw tuig’. Volgens NGO’s en Roma-activisten is het twee voor twaalf. Vanwege de economische crisis is de armoede desastreuzer dan ooit. Etnische spanningen groeien. Neem de aanvallen op Romakampen in Italië in 2008. Of de intimidatie van racistische paramilitairen in Hongarije. In september gingen duizenden Bulgaren de straat op, leuzen roepend als  ‘Maak zeep van de zigeuners.’  De Roma houden zich redelijk koest. Maar, zeggen mensen die met ze werken. Dat duurt niet lang meer.
‘De behandeling van de Roma is de lakmoesproef voor de democratie’. De inmiddels overleden Vaclav Havel spreekt deze profetische woorden in 1993, als de Oosteuropese landen een pijnlijke overgang maken naar een rauw kapitalisme.  De consequenties zijn desastreus voor Roma. Tijdens het communisme hadden ze een baan, gratis huisvesting en scholing. Nu raken ze massaal werkloos en verliezen hun huis in het privatiseringsgeraas. Racisme steekt straffeloos de kop op. Het is, in Havels’ woorden, het gedrag van landen die na een lange gevangenisstraf niet weten om te gaan met verantwoordelijkheden.De kans op verbetering dient zich eind jaren negentig aan, als de Midden- en Oost-Europese landen mogen toetreden tot de EU. ‘Romaleiders waren dolblij’, herinnert ex-Europarlementariër Jan Marinus Wiersma zich. ‘De Unie zou ze beschermen en steunen.’De naderende toetreding lijkt een goede stok om regeringen te manen echt wat te doen. Vooral naar Europarlementariërs werd geluisterd. Het parlement had immers een veto op uitbreiding. ‘Natuurlijk hadden we niet de illusie dat we die al eeuwen zeurende problemen in een paar jaar oplosten’, erkent Wiersma, die destijds rapporteur was voor Slowakije. ‘Maar we wilden wel echt commitment zien.’ De kandidaatlidstaten passen hun wetten aan die van de EU aan, en komen met documenten, plannen en toezeggingen. Het was absolute windowdressing, zeggen NGO’s en Roma-activisten nu. In Bulgarije vonden volgens officiële cijfers hordes Roma een nieuwe baan. ‘In praktijk stonden ze na een paar maanden weer op straat’, zegt de Bulgaarse wetenschapper Ilona Tomova in haar kantoor in Sofia. ‘Wij, postcommunistische landen hebben veel ervaring met het manipuleren van uitkomsten. Maar de Unie keek er niet doorheen. Wat documenten, 2 goede voorbeelden. Dat was genoeg.’ 
Naar eigen zeggen wisten Wiersma en zijn collega’s dat de toezeggingen deels enkel op papier stonden. Maar toch. ‘We dachten echt dat we voortgang boekten.’ Achteraf was dit wat naïef, erkent hij. ‘Nu zou ik misschien zeggen: had die landen niet zo snel toegelaten.’Brussel had meer voet bij stuk moeten houden, meent ex-Europarlementariër Els de Groen, destijds lid van de Bulgarijedelegatie. Aan het begin van de onderhandelingen was Roma-integratie nog een harde toelatingsvoorwaarde. Gaandeweg werd deze ‘boterzacht’. Het is de vraag of de Roma beter af waren geweest als toetreding was uitgesteld. Volgens Wiersma zou dat zich als een boemerang tegen de Roma hebben gekeerd. ‘Het was een informeel argument, maar het speelde een enorme rol in de afwegingen.’ 
Eenmaal binnen, blijken de nationale regeringen weinig begaan met de Roma. ‘De situatie voor toetreding was beter dan erna’, zegt Rob Kushen, directeur van het European Roma Rights Centre in Boedapest. ‘De politieke wil om fundamenteel wat te veranderen, ontbrak.’Brussel is zijn stok om te slaan kwijt. Bovendien is de Europese Commissie gebonden aan het subsidiariteitsbeginsel, vastgelegd in het verdrag van Maastricht in 1992.  ‘Qua Roma spelen de lidstaten de belangrijkste rol’,  zegt Matthew Newman, de woordvoeder van Commissaris Viviane Reding (mensenrechten en justitie). ‘Zij zijn verantwoordelijk voor onderwijs, arbeid, huidsvesting en gezondheid. Onze rol is om te coördineren.’  Wel kan Brussel beleid afdwingen via de Europese fondsen. Zo is voor de periode 2007-2014 vanuit het Europese Sociale Fonds voor Tsjechie, Roemenie en Slowakije minimaal 172 miljoen per land gereserveerd, alleen voor Roma. Lidstaten met Roma kunnen tevens aanvragen doen voor bredere sociale programma’s. In die pot zit in totaal 17,5 miljard euro. 
Slowakije krijgt na toetreding van Brussel 200 miljoen voor een nieuwe Romaprogramma dat uitgaat van een ‘allesomvattende benadering op kleine schaal’.  Klara Orgovanova werkte er vanaf 2001 met een team van dertig man aan.  De kwieke vijftiger van Roma-afkomst  was van 2001 tot en met 2006 de zogenaamde plenipotentiary (gevolmachtige) voor Roma van de Slowaakse regering. ‘Het bood heel veel kansen’, zegt ze achter een kop koffie in Bratislava.Maar dan komt er  in juli 2006 een nieuwe regering aan de macht van de sociaaldemocratische SMER in een onwaarschijnlijke coalitie met de Slowaakse Nationale Partij, waarvan partijleider Ján Slota volgens het Duitse Der Spiegel meent dat je Roma het beste kunt temmen met een ‘lange zweep in een kleine achtertuin’. Het gros van het geld ‘verdwijnt’. In nieuwe stoplichten, technologische apparatuur voor ziekenhuizen of voetbalclubs, waar geen enkele Roma speelt. Orgovanova wordt ontslagen, net als de rest van haar team. ‘We waren te kritisch.’ De nieuwe ‘gevolmachtigde’ doet volgens een van haar toenmalige medewerkers zo goed als niets. ‘Het kwam de toenmalige regering goed uit’, zegt hij. ‘Die wilden geen geld aan Roma spenderen. Daar wonnen ze geen zieltjes mee.’ Slowakije is niet het enige land waar EUgelden niet bij de Roma aankomen. Ook in andere nieuwe lidstaten wordt gesjoemeld. Soms strijken nep-ngo’s het geld op. Of bedelen corrupte regeringsambtenaren zichzelf exorbitant hoge salarissen toe. Dat zeggen Europarlementariërs als Els de Groen, Roma-activisten en journalisten van onder meer het gerenommeerde journalistieke onderzoekerscollectief BIRN (Balkan Investigative Reporting Network). Niet altijd is de misbruik opzettelijk. De aanvragen voor subsidies zijn ingewikkeld en vereisen inzicht in de bureaucratie en het EUjargon. ‘Veel van die landen waren niet in staat om de EUgelden te managen,’ zegt Wiersma. Het ‘Romageld’ dat tot nu toe ‘verdwenen’ is, zou in de miljarden lopen. ‘Pure speculatie’, zegt een persattaché van de commissie. ‘We hebben geen informatie over het misbruik van zulke grote bedragen.’  In Slowakije stopt de Europese Commissie in 2010 de geldstroom voor het Romaprogramma. Slowakije moest maatregelen nemen om de boel weer vlot te trekken of anders zou het land een ‘boete’ krijgen. Pas afgelopen januari liet de Commissie weten dat het geld dat nog niet is gebruikt wegens ‘goed gedrag’ naar het programma kan.  ‘We verloren tien jaar’, zegt Orgovanova. Ze is er kapot van.  
NomadennoodtoestandDan vindt in mei 2008 in het Italiaanse Ponticelli een jonge moeder een zestienjarig Romameisje in haar huis. Ze houdt de zesmaanden oude baby des huizes in de armen. Het is het startsein voor een reeks van gewelddadigheden op Italie’s Roma, zo’n 150.000 in totaal, die merendeels gesegregeerd in kampen aan de randen van grote steden wonen, vaak onder omstandigheden die volgens sommigen ‘erger dan in Oost-Europa’ zijn. In de weken na de ‘kidnapping’ vallen burgers Roma aan en steken hun woningen in brand. Omdat de politie er niet in slaagt de Roma te beschermen, roept de Italiaanse regering van Berlusconi de ‘nomadennoodtoestand’ uit. Tal van kampen worden ontruimd, zowel legale als illegale. Als de regering vervolgens aankondigt vingerafdrukken van Roma – ook kinderen – te willen nemen om illegalen gemakkelijker uit te zetten, is de verontwaardiging groot. De rel loopt evenwel met een sisser af. Italië verkondigt vingerafdrukken te nemen bij de hele bevolking. En dat is legaal. Paolo Ciani, woordvoerder van Sant’Egidio, een grote Italiaanse progressieve katholieke hulporganisatie die veel doet voor Roma is blij met de toenmalige acties. ‘De commissie en het Europarlement reageerden snel. Er werd goed gemonitord. Daardoor zijn ergere gevolgen voorkomen.’Maar de grote Europese mensenrechtenorganisaties, gebundeld in de  European Roma Policy Coalition zijn niet tevreden. Al snel na de afkondiging van de noodtoestand vragen ze de Commissie om een zogenaamde inbreukprocedure te starten volgens schending van de ras en gelijkheidsrichtlijn. Met zo’n procedure kan de EU de lidstaten dwingen hun wetten op orde te maken. Die procedure is er geweest, zegt  commissiewoordvoerder Newman. ‘Italië heeft de eigen wetten op correcte wijze aangepast. Meer kunnen we niet doen.’ Maar Nele Meyer van Amnesty International is het daar absoluut mee oneens. Want wat betekent ‘correct’ als er in praktijk niets verandert? Pas eind 2011 verklaarde de hoogste rechtbank van Italië de noodtoestand onwettig en werd deze opgeheven. Meer dan drie jaar lang konden Roma niet terug naar hun eigen huis,  kinderen niet naar hun eigen school. ‘De Commissie had Italië veel meer moeten pushen om de discriminatie aan te pakken.’ 
Geen ‘fundamental rights supercop’ In 2010 veroorzaakt Frankrijk een wervelstorm door grote groepen Roma op het vliegtuig naar Roemenie en Bulgarije te zetten. Eurocommissionaris Reding (mensenrechten en justitie) vergelijkt de Franse uitzetting met nazipraktijken. De commissie start een inbreukprocedure, zeer tegen het zere been van Frankrijk. Mensenrechtenorganisaties vinden het verre van voldoende. De commissie rekent Frankrijk af op het schenden van de ‘Vrije bewegingsrichtlijn’ en niet van de ras- en gelijkheidsrichtlijn. ‘We keken naar het uitzetten van groepen in plaats van individuen. Dat is in feite al een schending van fundamentele rechten in de EU’, verklaart  Newman deze keuze.  Qua discriminatie heeft Frankrijk de EUwetten goed geïmplementeerd. Het is nu aan de Franse gerechtshoven om te zorgen dat Frankrijk zich daaraan houdt. ‘De commissie kan geen fundamental rights supercop zijn.’Meyer schudt het hoofd. ‘De commissie doet om de haverklap inbreukprocedures op economisch terrein. Dus het kan wel. Blijkbaar is discriminatie en anti-gypsiism een veel heter politiek hangijzer dan dat wij kunnen bevroeden.’  
Europees probleem?Ook als het gaat om de bestrijding van de armoede ligt de crux van het probleem bij de lidstaten, verduidelijkt Newman nog maar eens. Het ultieme bewijs hiervoor is, zo meent hij, de ‘lage absorptiegraad’ van de EUsubsidies bedoelt voor Roma. ‘Er zijn miljarden euro’s voor handen, maar slechts een deel wordt aangevraagd. Roma zijn geen politieke prioriteit.’  Maar landen als Slowakije, Roemenie en Bulgarije zijn arm. Die moeten het echt hebben van de bedragen uit Brussel. En wat daar voor Roma gereserveerd wordt is peanuts, meent onder meer Valeriu Nicolae, zelf Rom en directeur van het Policy Center for Roma and Minorities. ‘Roemenie kreeg voor de periode 2007-2013 zo’n 230 miljoen euro. We hebben een miljoen Roma. Dat is nog geen 20 cent per Rom per dag.’ En zelfs al zou Roemenie het geld krijgen dat in Brussel op de plank ligt, dan nog is het te weinig.  ‘Ik weet zeker dat het bedrag dat de Unie spendeert aan schapen en koeien via de agrarische fondsen 100 keer hoger is.’ 
Scepsis over de wilskracht van de Brusselse top is er ook in het Europarlement. Want als dat weerbarstige gedrag van de lidstaten zo’n barrière is, waarom installeert de commissie dan geen Eurocommissaris voor minderheden? Zodat Brussel wel beleidsmaatregelen kan afdwingen middels een echte Europese strategie? Vooral de sociaaldemocratische fractie hamerde daar ettelijke keren op. Zonder resultaat. Wiersma voert het antwoord terug op een ‘stammenstrijd’ binnen de Commissie. ‘Lidstaten zijn bang dat zo’n commissaris zich ook gaat bemoeien met de Hongaren in Roemenie of de Basken in Spanje.’ De Hongaarse Europarlementariër Kinga Goencz stipt een andere ‘begrijpelijke’ angst aan. ‘Landen zouden dan kunnen denken: “ha fijn, dan doet Brussel het.” Ik kan me voorstellen dat de Commissie niet volledig verantwoordelijk hiervoor wil zijn.’
Een Europees kaderTijdens het Hongaarse voorzitterschap van Viktor Orban, wordt in april 2011, op het hoogste niveau, de Europese raad, besloten tot een ‘EU Framework for National Roma Integration Strategies’. Deze maand bekijkt de Commissie wat de 27 lidstaten daarvan gemaakt hebben. Livia Jaroka – het enige Europarlementariër van Roma-afkomst en lid van Orbans partij Fidesz – ziet het kader als de kans op verbetering. ‘We veranderden het paradigma compleet. Zomaar de Roma helpen, doen politici niet. We wijzen ze nu op de sociaaleconomische baten.’ Ofwel: Geef Roma werk en ze leveren wat op in plaats van dat ze wat kosten. Het is, denkt Jaroka, een argument dat regeringen wel aanspreekt. Toch is er veel scepsis. Wederom legt de Commissie de oplossing bij de lidstaten, menen zowat alle Roma-activisten en een deel van het Europarlement. Zie het ‘Nationale’ in het Kader. Het Kader is gebaseerd op de pijlers arbeid, huisvesting, educatie en gezondheid, thema’s waarop de Commissie helemaal geen bevoegdheden heeft. En juist anti-discriminatie, waar de Commissie wel bevoegdheid heeft, is een ondergeschoven kindje. Opmerkelijk is tevens dat de Eurocommissaris voor Mensenrechten, Viviane Reding, eindverantwoordelijk is. Redings woordvoerder Newman legt deze cryptische constructie uit door te wijzen naar de aanwezigheid van discriminatie in de nationale wetten. ‘Als iemand geen werk krijgt vanwege zijn etnische afkomst, dan wordt dat eerst op nationaal niveau uitgezocht. Schort het aan nationale wetgeving dan vult bestaande EU-wetgeving de tekorten aan.’ Is dat voldoende stok om mee te slaan?  ‘Dit is besloten op het hoogste politieke niveau. Alle landen stemden hiermee in.’Hoe dit in praktijk kan uitpakken toont het huidige Hongarije. Want terwijl Viktor Orban op Europees niveau het beste jongetje van de klas is, scoort de Hongaarse premier in eigen land ondermaats. ‘Bijna alle nieuwe maatregelen druisen in tegen Roma-integratie’, zegt Rob Kushen van het ERRC. ‘Zo verlaagde de regering onlangs de leerplichtleeftijd. Waardoor Romakinderen sneller van school af kunnen, zonder enige restrictie. En zo kan ik er meer noemen.’  Het geeft aan hoe extreem moeilijk het is om in het huidige klimaat iets voor Roma gedaan te krijgen. Orban heeft immers, net als in menig ander EU-land, te maken met een rechtsextremistische oppositie in het parlement: Jobbik, een partij die openlijk anti-Roma is en flink populair onder de bevolking. Dat neemt niet weg dat je op die sentimenten mee moet liften. ‘Democratie is niet enkel wat de meerderheid wil, het gaat ook om het beschermen van de rechten van minderheden. Maar dat lijkt Orban niet te begrijpen.’ Het is precies waar Havel in 1993 voor waarschuwde. Kader Een greep uit incidenten in 2010 en 2011Februari 201. De Roemeense minister van Buitenlandse Zaken zegt dat Roma ‘genetisch geneigd zijn tot crimineel gedrag’. Mei 2010. In het Hongaarse dorp Hatvan krijgen Roma een molotovcocktail door de ruit van hun huis geworpen. Juni 2010. In Slowakije schiet een Slowaakse man na een ruzie op een groep Roma. Twee mannen en een 13jarig meisje belanden in het ziekenhuis. Juli 2010. Denemarken zet 23 Roma uit naar Roemenie. Een Deens gerechtshof verklaart de uitzetting illegaal. Zomer 2010. Frankrijk zet grote groepen Roma op het vliegtuig naar Roemenie en Bulgarije. September 2010. In de Bulgaarse stad Jambol worden tientallen Roma uit hun flat gezet. Ze krijgen geen vervangende woonruimte.April 2011. In het Hongaarse dorp Gyöngyöspata slaan paramilitairen een trainingskamp op. Het Rode Kruis evacueert Romagezinnen. Het komt tot vechtpartijen met gewonden.Maart-mei 2011. In Rome vinden 154 uitzettingen plaats die circa 1800 Roma treffen.Juni-augustus 2011. Zeker 500 Roma worden verdreven uit kampen in het Franse Marseille. Augustus. In verschillende Tsjechische steden vinden demonstraties tegen Roma plaats.September 2011. Nadat een Romajongen een Bulgaarse tiener doodrijdt, demonstreren in Bulgarije tienduizenden tegen de zigeuners, leuzen roepend als ‘Maak zeep van ze.’September 2011. Honderden Tsjechische ultranationalisten houden anti-Roma demonstraties in Nový Bor, Rumburk en Vansdorf. Oktober 2011. Roma in het Tsjechische Ústí nad Labem vallen twee etnische Tsjechen aan, nadat ze zelf aangevallen zouden zijn. Januari-maart 2012. Tijdens de verkiezingscampagnes belooft de Slowaakse Nationale Partij de kiezers korte metten te maken met de steun die Roma clandestien zouden trekken.Januari 2012. In het Tsjechische Vrandorf vinden anti-Roma demonstraties plaats. In dezelfde maand erkennen 3 rechtsextremistische jongeren de moord op een Romavrouw. Ze worden gearresteerd en voor het gerecht gebracht. Dit is slechts een greep uit tal van geregistreerde incidenten. Het kan zijn dat er meer incidneten zijn, maar niet geregistreerd.  Het is niet altijd helder of het om zuiver racistische acties gaat. Bron: ERRC


Tags: ,

Gerelateerd

‘Pure maffia is het’

Bulgarije lijkt zich meer af te keren van de Europese Unie

Tijdschrift Donau

Bulgarije heeft Roma hard nodig

Bang Nederland

Bulgaren vrezen voor ‘zigeunerland’

“Een gehandicapt kind is hier niets waard”

Kritiek op Roma-uitzetting door Frankrijk is hypocriet

In Bulgarije. Een vertwijfelde natie op weg naar Europa

Waarom niet Bulgarije?

‘Hot spot’ Sofia

Vertragend, maar niet rampzalig

Economische crisis in Bulgarije

Simeon van Saksen-Koburg-Gotha: Opkomst en ondergang van een verloren zoon

Bulgarije worstelt met zijn Turkse verleden